Aardappelwereld magazine
Ook veehouders willen alleen aardappelen zonder kiemen. Dus wie toegeeft op maatregelen hiertegen, hoeft bij een vrije partij knollen met lange uitlopers niet te rekenen op afzet, ook als is het voor nul euro. De meeste telers die nu nog product in de schuur hebben liggen kiezen dan ook voor continuïteit. Dat lukt het voordeligst met een goede uitrusting en een strak bewaarregime.
“Bewaren verliep tot begin mei in het gros van de aardappelpartijen vrijwel probleemloos. Het product was in het najaar overwegend droog en met weinig rot ingeschuurd. Alhoewel de kiemlust gemiddeld genomen hoog was, kregen de meeste telers deze vrij vlot onder controle. Zij die op tijd de behandeling gestart zijn, de adviesintervallen keurig hebben aangehouden én nu nog aardappelen in de schuur hebben, plukken daar nu de vruchten van. Bij diverse partijen onder contract was en is dit seizoen nogal eens sprake van uitstel als het gaat om tijdstip van afleveren. Wanneer je op dat moment de kieming onder controle hebt, is een eventuele extra behandeling met de normale of eventueel verlaagde dosering mogelijk, waarmee deze uitgave binnen de perken blijft. Belangrijk hierbij is goed monitoren. Het is rond deze periode bijvoorbeeld niet altijd nodig om nog voor het einde van een geadviseerd behandelinterval direct met een kiemremmer als 1,4 SIGHT aan de slag te gaan zodra boven op de hoop kleine kiemen op de knollen verschijnen. Het kan namelijk zijn dat, door de veelal 1 tot 2 graden hogere temperatuur daarboven, deze veel eerder loskomen dan de diepere laag daaronder. Controleer altijd of dit ook werkelijk zo is door op verschillende plekken tot zo’n 40 centimeter diep te graven. Zijn daar geen kiemen op de knollen zichtbaar, dan kan een behandeling nog even wachten, of je kunt het aantal weken tot afleveren overbruggen zonder behandeling. En ook voor vrij product geldt dat het belangrijk is de kiemremming in de hand te blijven houden, wil je het nog een kans op afzet geven. Immers, het laatste wat telers willen is dat de aardappelen op het bedrijf blijven. En in aardig wat gevallen, soms na veel speurwerk, lukt het ondernemers alsnog ergens een afnemer te vinden, zo is tot nu toe de ervaring. Deze constatering geeft overigens ook de absurde situatie van dit seizoen weer, kwaliteit bewaken om überhaupt van je product af te komen.
Wat eveneens loont, en over de jaren heen in toenemende mate, is de aanwezigheid van mechanische koeling in de schuur. Zeker voor degenen die na de maand april nog partijen in bewaring hebben. Je hebt allereerst een vitaler product vanwege veel minder draaiuren met drogende buitenlucht. Bij metingen in diverse bewaarschuren met enkel buitenluchtventilatie was de knoltemperatuur halverwege de maand mei gemiddeld nog 8,5 tot 9 graden. Daarna veranderde dit echter in rap tempo. Nog geen twee weken later was deze door de warmte-explosie van dat moment al gestegen naar 12 graden Celsius. Dan wordt het wel heel erg lastig om kiemremming onder controle te houden en de kwaliteit te handhaven. In aanvulling hierop valt te constateren dat het gebruik van kiemremmingsmiddelen in schuren voorzien van mechanische koeling het gehele bewaarseizoen behoorlijk lager is geweest dan in schuren met enkel buitenluchtventilatie. Nog een andere maatregel waarvoor je aan het eind van het bewaarseizoen niet altijd onmiddellijk actie hoeft te ondernemen is overschrijding van de CO2-norm. Dit gaat om de keuze tussen een minimum aan ventilatiemomenten om de producttemperatuur te beheersen en het CO2-gehalte. De grens staat in de computers meestal op 4500-5000 ppm, maar deze mag in de maand juni bij goed bakkende rassen best oplopen tot 6000 ppm voordat een verversing noodzakelijk is.” ●
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
Lees hier ons volledige bewaardossier!
Evenementen
©2015 - 2026 Aardappelwereld | Ontwerp en realisatie COMMPRO