Actie Abonnement Aardappelwereld magazine
Dat veel aardappelen onder mooie droge omstandigheden geoogst zijn, is nog geen garantie voor een zorgeloze start van het bewaarseizoen. De eerste strubbelingen zijn al voorbijgekomen en vragen om alertheid en adequate acties.
Waar veel telers momenteel tegenaan lopen, is het gegeven dat heel veel aardappelen overwegend vroeg en droog zijn ingeschuurd. Normaal benut je daarna al gauw veertien dagen voor wondheling. En wanneer het product vochtig binnenkomt is de periode eveneens minimaal nodig om het te drogen. Dat verloopt in de vroege herfst over het algemeen heel best met buitenlucht vanwege de op dat moment relatief gematigde temperatuur. In de eerste weken van oktober was die echter vrij hoog voor de tijd van het jaar. Zowel overdag als ’s nachts lag deze ver boven gewenste ventilatietemperatuur van 12 tot 13 graden Celsius waarbij we de aardappelen in de allereerste weken het liefst bewaren. Pas in de tweede helft van de herfstmaand zette de temperatuur een daling in. Gevolg is dat hier en daar toch wat rot tot ontwikkeling is gekomen. Daarnaast heeft de kieming, die dit seizoen toch al vroeg bijzonder vroeg op gang is gekomen, nog een extra boost gekregen. Je zou hierbij kunnen denken, dit is dan alleen een probleem voor cellen met buitenluchtventilatie. Toch speelt hetzelfde in schuren met mechanische koeling. Proef- en praktijkervaring waarbij met koeling is getracht de buitentemperatuur met enkele graden omlaag te krijgen zijn tot nu toe geen succes gebleken. Het kost vooral heel erg veel energie en dus geld om dit voor elkaar te krijgen. Koeling is erg mooi, maar vooral om de temperatuur constant te houden vanaf het moment dat deze, na de weken van wondheling en drogen, met buitenlucht op de gewenste bewaartemperatuur is gebracht.
Dan is in de beginweken nog een volgend bijzonder fenomeen zichtbaar in de bewaarschuren en dat zijn hoge CO2-concentraties en condensvorming. Zowel door de hoge knoltemperaturen als kiemlust is sprake van een levendig product met veel ademhaling. Dat vertaalt zich zowel in een hoog percentage kooldioxide als vochtproductie. Wanneer aardappelen met grond zijn ingeschuurd, vormt die grond de buffer voor het vrijkomende vocht. Nu is het product echter vrij van grond en condenseert het vocht direct op de knollen. Het is dan zaak voldoende intern te ventileren en op momenten dat temperatuur en luchtvochtigheid de juiste waarden hebben, met buitenlucht. In een droog product zijn die ventilatieacties natuurlijk een dilemma, want dat gaat al snel gepaard met gewichtsverlies.
Het beperken van dat gewichtsverlies doe je vooral door veel te controleren en de meters in de gaten te houden. Zo is het CO2-gehalte nu vooral maatgevend voor de ademhaling in de aardappelhoop. Van belang is dat dit vier weken na inschuren een daling gaat inzetten. Dat is onder de huidige omstandigheden te realiseren door de knoltemperaturen geleidelijk omlaag te brengen door op de koudste momenten te ventileren en de kiemremming tijdig te starten. De eerste witte kiempjes waren in meerdere loodsen enkele weken na inschuren al zichtbaar, het gevolg van soms erg hoge bodem- en knoltemperaturen in de periode voor en tijdens de oogst. Ook in partijen die met maleïne hydrazide (MH) behandeld zijn, komt de kieming eerder op gang dan normaal. Het ziet ernaar uit dat in de meeste schuren voor de jaarwisseling al een of twee behandelingen met een kiemremmer nodig zal zijn. Begin in elk geval op tijd, want de eerste klap is een daalder waard, zeker onder de huidige omstandigheden. ●
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaar-tips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
Lees hier ons volledige bewaardossier!
Evenementen
©2015 - 2025 Aardappelwereld | Ontwerp en realisatie COMMPRO